Vriendschap, De (2001)

Regie

Nouchka van Brakel

Scenario

Nouchka van Brakel, Edwin de Vries

Release

14 juni 2001

Producent

Matthijs van Heijningen, Guurtje Buddenberg

Studio

Sigma Pictures

Duur

120
Filminformatie

Verhaal

Twee oude vrienden ontmoeten elkaar weer na veertig jaar. De hernieuwde kennismaking gaat niet zonder slag of stoot. Oude vetes moeten worden opgelost en nieuwe problemen kondigen zich aan als ze - net als veertig jaar eerder - verliefd worden op dezelfde vrouw. Hun vriendschap blijkt echter niet kapot te krijgen.

Cast

Gerard Cox (Pieter Paternoster), Willem Nijholt (Gijsbert van der Zee/Anthony Seawell), Pleuni Touw (Zwaantje), Karina Smulders (Iris/jonge Anne), Raymond Contein (Yoram), Sylvia Kristel (Silvia), Pim Lambeau (freule Bobby), Mary-Lou van Steenis (Nelly), Liz Snoyink (Carola van Eysbergen), Joop Doderer (professor Rijckevorsel), Paul Rigters (Mozes), Henry Doucement (Ewald), Orpheo Koulen (Roy), Melvyn Eric de Kom (Juan Batista), Rico Habraken (jonge Pietje), Wytze de Haan (jonge Gijssie), Caroline Olde Riekerink (verpleegster), Abdembi Azzaoui (Frenky), Marina Nicolai (Natasja), Dennis Rudge (ambulancebroeder), Els Scherjon (ambtenaar burgerlijke stand), Steven de Walle (notaris), Irene de Blaay-Berghout (oudere Anne), Jasperina de Jong, Marian Mudder; stem van Nouchka van Brakel (Anne)

Ontstaan

Scenario: Nouchka van Brakel, naar een eigen scenario en niet gebaseerd op het gelijknamige boek van Connie Palmen, met medewerking van Edwin de Vries.

Opgenomen in Rotterdam; onder andere op het sloopterrein aan de Zaagmolenstraat, flatgebouw Maesstate, Holland Casino, brug De Hef, St. Clara Ziekenhuis. De opnameperioden waren van maandag 7 augustus 2000 tot en met 8 september en van 1 tot en met 11 oktober 2000.

Via de Nederlandse beleggingsconstructie Labouchere Holland Film CV gefinancierd. Voor 50.000 gulden (of meer) konden geďnteresseerde particulieren zich aanmelden.

Voor een klein deel Engels gesproken.

In de film wordt op de (dan) niet bestaande website www.spannendemannen.nl gesurfd en zijn beelden uit de film CASSABLANCA te zien.

Nadat het door Van Heijningen geproduceerde DE OMWEG genadeloos flopte en ook DE ZWARTE METEOOR flopte, zag directeur Dirk de Lille van distributeur RCV af van de uitbreng van DE VRIENDSCHAP. Distributeur UIP nam de film over, waardoor de bioscoopuitbreng verzekerd was. De officiële lezing is dat er geen overeenstemming was met de producent aangaande de releasedatum en alleen om die reden in goed wederzijds overleg besloten is om een andere distributeur te benaderen. De recensies waren minder diplomatiek.

Producent Van Heijningen in een interview met Radio 1 over de vernietigende recensies die als gevolg hadden dat per voorstelling er gemiddeld slechts 4 bezoekers waren: "Het is een hetze tegen de Nederlandse film. 'De Vriendschap' is overdreven afgekraakt en dat heeft veel mensen afgeschrikt om er naar toe te gaan. De premičre was een groot succes, achthonderd mensen die hebben gelachen en gehuild."

Gerard Cox in het 'Algemeen Dagblad' van 16 juni 2001 over de vernietigende recensies: "(...) Onontkoombaar word ik geconfronteerd met de eerste recensies in de avondkranten. Ze zijn van een onthutsende boosaardige lulligheid. Het Rotterdams Dagblad spant de kroon met een verhaal van ene Fritz (the Cat?) de Jong. (...) Wat mij betreft: zak in de stront, Fritz de Jong (...) de laatste dagen [heb ik] via de kritieken weer een prachtig kijkje mogen nemen in het adembenemende benepen zieltje van de Nederlandse filmjournalistiek. Voorlopig hoogtepunt? Het gekuip van filmnicht Goderie. (...) Ga gerust van de week naar DE VRIENDSCHAP. Als u zich niet heeft geamuseerd, krijgt u van mij uw geld terug."

Nouchka van Brakel over de financiering, de negatieve recensies en het wegblijvende publiek in ‘HP/de Tijd’ van 28 juni 2001: “Matthijs van Heijningen en ik zagen de bui natuurlijk al hangen. We wisten van tevoren dat vijftigplussers moeilijk naar de bioscoop te krijgen zijn. Toch hebben we DE VRIENDSCHAP gemaakt. (…) De toon [van de recensies] is: de oude baasjes doen hun best. Maar hoofdrolspelers als Gerard Cox, Willem Nijholt en Pleuni Touw zijn toch nog steeds vitale acteurs. Wat is dat voor malle discriminatie. Daar ben ik nog het meest door geschokt. En volgens de kritiek behoor ik ineens tot een filmgeneratie die alleen tenenkrommende films heeft gemaakt met behulp van geldbeluste producenten en vriendjes in de subsidiecommissies. Woedend word ik daarvan. Waren de films van Marleen Gorris dan niks, was mijn VAN DE KOELE MEREN DES DOODS dan niet de moeite waard? (…) Ik wilde deze film al twintig jaar maken. Ik ben er erg blij mee. De muziek is niet goed. Het plan was eerst om ‘Staying alive’ van The Bee Gees te gebruiken. Maar die verdomden het om hun liedje af te staan aan een film die eindigt met euthanasie. (…) tijdens de montage heb ik gewerkt met iemand die geweldig enthousiast was. Lastig, vooral als je lang doorwerkt of moe bent; dan denk je: het zit wel goed. Tegenspraak is beter. (…) Ik neem ook de verantwoording voor het begin. Dat is te traag. (…) Gerard Cox is een goede acteur, waarom wordt die man niet vaker gevraagd voor de film? (…) Mijn financiering was al rond, ik kreeg er vanwege die regeling alleen wat extra geld bij. (…) Maar het is niet zo - zoals die Ronald Ockhuysen van de Volkskrant insinueert- dat ik alleen maar op geld belust ben. Hierdoor ben ik echt beledigd. Zo maak ik geen films, dat weet iedereen! En ik geef toe, vanwege zijn dikke sigaar en driedelige pak is daar moeilijk hoogte van te krijgen, maar zo werkt Mathijs van Heijningen ook niet. Wat hier heeft plaatsgevonden is een ordinaire privé-aanval op Mathijs en mij. Om te huilen eigenlijk. (…) [Over het afhaken van de distributeur:] Intern was besloten dat er voortaan alleen maar films voor een jong publiek zouden worden geprogrammeerd. (…) Toen voelde ik me pas echt gediscrimineerd. Een film klaar en geen distributeur omdat DE VRIENDSCHAP een ouwe-mensenfilm is. (…) Ik heb met deze film veel meer schijt gehad aan alles dan ooit. Maar het publiek komt niet en het zal me niet verbazen dat een carričre van 25 jaar even wordt afgerekend op deze ene film (…)”

Ruud Bos in 'HP/de Tijd' van 13 juli 2001 in een ingezonden brief: "Het heeft veertig jaar (en meer dan twintig speelfilms) moeten duren voordat ik met naam en toenaam door de recensenten werd genoemd, weliswaar in negatieve zin, maar vooruit. (...) Pijn doet echter pas de opmerking van de regisseuse Nouchka van Brakel (...) Ik ga er vooralsnog van uit dat haar opmerking verkeerd is weergegeven."

Facts

De film werd geschreven voor John Kraaykamp en Rijk de Gooyer, maar zij wilden niet.

Pers

Jacques Goderie noemde de film op AT5 'een van de allerslechtste Nederlandse films aller tijden'.

Jos van der Burg in 'de Filmkrant' van juni 2001: "(…) Ontroering is ver te zoeken in DE VRIENDSCHAP, want Nouchka van Brakel (…) weet niet wat een tragikomedie is. Haar film is een vergaarbak van grappen en grollen, waarvoor zelfs de Engelse komiek Benny Hill (…) zich zou schamen. Dat is onmogelijk, zegt u? Het is mogelijk, zeg ik na het zien van DE VRIENDSCHAP. (…) Het dieptepunt is een euthanasiescčne, die in zijn smakeloosheid zelfs choquerend is. Van Brakel toont ons een vorm van knutsel-euthanasie, waarvoor Cox de dodelijke pil levert op een toon alsof hij een aspirientje komt brengen (…) DE VRIENDSCHAP is geen cinema de papa maar cinema infantile. Om met Cox te spreken: 'Lik m'n reet is ook een wals'".

Hans Beerekamp in 'NRC Handelsblad' d.d. woensdag 13 juni 2001: "(...) Al maanden zoemt door de grachtengordel het gerucht hoe verschrikkelijk tenenkrommend slecht De vriendschap zou zijn, dat de aanvankelijke distributeur de film niet uit heeft willen brengen en dat Van Heijningen zijn derde commerciële fiasco op rij tegemoet mag zien. Het valt mee. Er is veel mis met De vriendschap, maar Van Brakel noch Van Heijningen verdient messenslijperij en karaktermoord. Als er in Nederland honderd films per jaar gemaakt zouden worden, dan was De vriendschap een acceptabele middenmoter, bedoeld voor een publiekscategorie (de zestig-plussers) die de meeste films niet bedienen. (...) Onvergeeflijk is bijvoorbeeld de temerige stroopmuziek van Ruud Bos. Ook het door de regisseur samen met Edwin de Vries geschreven scenario is weinig scherp of elegant en doet, mede door de mannetjesmakerij van Cox, eerder denken aan een reeks achter elkaar gemonteerde afleveringen van televisie-sitcoms. En het nadrukkelijk Rotterdamse karakter van de film, gesitueerd in een fictieve stad van multiculturele harmonie en verlangen, doet kunstmatig aan. (...) Deze niet uitputtende lijst van bezwaren ten spijt wekt De vriendschap af en toe ook ontroering. Het is een charmante mastodont uit een eerder stadium van de Nederlandse filmgeschiedenis, toen gehoorzaamheid aan marketingwetten en de casting van soapacteurs nog geen vereisten waren. Van Brakel blijft trouw aan zichzelf, ook al is ze daarmee uit de mode. Je ouders moeten vooral weer eens naar de bioscoop!"

Mark Moorman in 'Het Parool' d.d. woensdag 13 juni 2001: "De eerste productie van Nouchka van Brakel sinds jaren is een curieuze film geworden. Het is een film die zo consequent op alle fronten ernaast zit dat hij bijna niet van deze tijd lijkt. (...) De scčne waarin Sylvia Kristel komt binnenzeilen als Joan Collins in haar nadagen geeft de eerste idicatie van wat ons te wachten staat. (...) Het is de acteurs niet aan te rekenen, maar aan de teksten van Van Brakel valt geen eer te behalen. De platheid van de dialogen wordt nog eens geaccentueerd door stroperig muziekgebruik, slordige montage en banaal camerawerk, waarin het esthetisch uitgangspunt vooral lijkt om in elk shot een Rotterdamse brug op de achtergrond te krijgen. Het is alsof je de stad zelf op overacting betrapt. (...) Nouchka van Brakel had ongetwijfeld een melancholieke, tragi-komische film over ouder worden in gedachten, maar is niet in staat ook maar een enkele genuanceerde emotie over te brengen. De kwestie van seksualiteit op latere leeftijd komt aan de orde in een gęnante liefdesscčne tussen Nijholt en Touw, ongetwijfeld bedoeld als een soort Stille kracht revisited, maar vooral pijnlijk banaal in beeld gebracht.Terwijl de ontwikkelingen zich traag en nadrukkelijk aandienen valt de lengte van de film (bijna twee uur) des te meer op.Het eindigt allemaal met Gerard Cox die zeeziek over de reling van zijn droomboot hangt. We weten hoe hij zich voelt."

Jann Ruyters in 'Trouw' van donderdag 14 juni 2001: "(...) Het scenario van 'De vriendschap' werd geschreven door Nouschka van Brakel en Edwin de Vries en de lolligheden omtrent oudere lijven en jongere harten hebben wel wat weg van wat er zoal te horen is in de gemiddelde Nederlandse sitcom waaraan zowel De Vries als Cox regelmatig hun bijdrage leveren. De schrijvers streefden wellicht baanbrekende romantiek voor mensen op leeftijd na, maar blijven hangen in banaliteiten (...) Vanaf de eerste beelden is 'De vriendschap' vergeefs op zoek naar de juiste toon. Die wordt niet gevonden in de opgewekte Hollywood-musical-muziek die Gijs' terugkeer in zijn geboortestad knullig begeleidt, niet in gratuite trucage als Pieters overleden vrouw vanuit de hemel tot hem spreekt, en nog minder in de wending aan het slot waarin de lol plots een ernstige ondertoon krijgt. Dat aan deze oninteressante vriendschap toch een film is gewijd, is te danken aan de inmiddels beruchte cv-constructie die het investeren in film aantrekkelijk maakt voor particuliere investeerders. Doel van die regeling was het scheppen van een vruchtbaar Nederlands filmklimaat: hoe meer films, hoe meer kans op artistieke voltreffers. Jammer dat een oude bekende als Van Brakel zich nu juist heeft ingezet voor het zompige moeras dat die paar bloemen omringt."

Ronald Ockhuysen in 'de Volkskrant' d.d. donderdag 14 juni 2001: "(...) Van Brakel haalt van alles overhoop. Ze doorbreekt het realisme (dode vrouw levert vanuit de hemel commentaar), er zitten comedy-elementen in ('Lik me reet is ook een wals', luidt Pieters motto) en ook een achtervolging ontbreekt niet. (...) De ambities van Noucka van Brakel zijn loos. De Vriendschap is plat en voorspelaar. (...) De regie heeft iets weg van een mislukte face-lift. De wens om vlot te zijn, dringt zich nadrukkelijk op: de film schiet postmodern tussen diverse genres heen en weer en maakt soms aardige versnellingen, dank zij de montere montage van Edgar Burcksen. Na die eerste indruk springen de weggedrukte plooien en rimpels in het oog: oubollige dialogen, cliché-beelden en een behoefte om met aplomb kwesties te behandelen (bejaardenseks) die halverwege de vorige eeuw als taboe golden maar inmiddels tot op het bot zijn afgekloven. Wat rest is de vraag waarom dit scenario tot celluloid werd gepromoveerd. (...) Het zal toch niet zo zijn dat de vriendenfilm er alleen maar kwam omdat de overheid een maatregel lanceerde die investeerders in film fiscaal aantrakkelijk maakt zonder ingewikkelde vragen te stellen over zoiets ouderwets als inhoud en kwaliteit?"

Casting

Hans Kemna

Filmuziek

Ruud Bos

Camera

Peter de Bont

Montage

Edgar Burcksen

Kostuums

Mariëlla Kallenberg, Linda Bogers

Grime

Eddy van den Abbeele

Geluid

Sander den Broeder, Ludo Keeris

Bioszalen

12 bij première

Bezoekers

1.834

Kleur

Kleur

Co-productie

AVRO

Art director

Ben Zuydwijk